© D.S.F Production
Quattara-depressie
We keren de middellandse zee de rug toe en rijden zuidwaats de Westelijke woestijn te gemoed.
Kamelen trekken onze aandacht. In dit dor gebied zijn waterputten van levensbelang voor mens en
dier. Rond een waterput rusten kameeldrijvers met hun kudde uit. Gastvrijheid staat hoog
aangeschreven bij woestijnbewoners en we worden uitgenodigd op de thee en de waterpijp. Een van
hen is een valkenier en op een nabij gelegen heuvel toont hij zijn vaardigheden
We keren terug naar onze wagens en rijden de Quattara-depressie in. Het is een woestijndepressie,
een stuk land dat lager ligt dan de omgeving. Deze depressie is 220 km lang en 120 km breed. Het
laagste punt van de depressie bevindt zich op 133 meter onder zeeniveau en is daarmee op een na
het laagst gelegen punt in Afrika. Het laagste is het Assal meer in Djibouti. Binnen de depressie
bevinden zich verschillende opgedroogde meren, welke af en toe vollopen bij hevige regenval. De
randen van de depressie zijn door de wind uitgeschuurd, zodat grilige vormen en structuren ontstaan
Qattara-depressie
De Qattara-depressie (Qattara Depression) is een
gigantische, laaggelegen inzinking in het noordwesten
van Egypte. Het is de grootste natuurlijk ontstane
depressie ter wereld en vormt een van de meest
extreme en onherbergzame gebieden in de Libische
Woestijn. De noordzijde wordt gekenmerkt door steile
rotswanden (escarpments) tot wel 280 meter hoog. De
bodem bestaat grotendeels uit zoutvlaktes (sabkhas),
zoutmeren, drassige drijfzandgebieden en zwarte
zandduinen
We rijden door de bodem van de depressie verder zuidwaarts. Rond de middag zoeken we een schaduwplekje op voor de lunch. Daarna rijden we naar de Quara-oase. Ain Quara is de enige
bewoonde oase in de Quattara-depressie. Het is een kleine oase bewoond door de nakomelingen van gevluchte Afrikaanse slaven. Onze komst gaat niet onopgemerkt voorbij. Alvlug staat het
dorpje in rep en roer. Het stamhoogd nodigd ons uit in zijn woning. Het uiterlijke van deze mensen verteld hun geschiedenis. We worden gastvrij ontvangen. Zelf gemaakte tietenmandjes
worden bescheiden uitgestald. Het vertrek verloopt al hevig uitbundig als onze aankomst.
In de omgeving van Ain Quara ligt op een heuvel het ruïne dorpje Ain Quara. We worden door een plaatselijke gids rondgeleidt in de ruïne. De huizen zijn opgetrokken uit leem vermengs met
stenen. De zolderingen worden ondersreund door stammen van palmbomen. De ruïne weerspiegeld het harde leven van zijn vroegere bewoners. Een legende verteld dat de waterbron slechts
140 mensen kon laven, zodat bij elke geboorte een ouderling in de woestijn werd gezonden.
We verlaten de Ain Qara oase en rijden verder door de Qattara-depressie. We overnachten in het mulle zand van de verborgen zandsteenwadi, waarin de wind sinds eeuwen kunstzinnige
vormen blies. vanuit mijn slaapzak aanschouw ik de volgende morgen een prachtige zonsopkomst. We camperen steeds vrij in de woestijn, voor het koken en voor het campvuur hebben we
hout nodig, wat moeilijk te vinden is. Het is vooral zoeken naar sprokkelhout of afgestorven bomen. Voor het opgraven van dode wortels komt de kracht van onze Toyota goed van pas. Met kaart
en de juiste coördinats inde GPS laveren we door de woestijn. Via de Abd en Nabi pass zakken we af naar de Moghra oase. De Moghra oase heeft een brakwatermeer, tevens bevind zich er een
rietmoeras. Binnen de depressie zijn zoutmoerassen te vinden, maar deze krimpen langzaam door zand dat door de depressie geblazen wordt. Vage sporen van eenzame passanten zijn
nauwelijks merkbaar. De spaarzme vegetatie is uitstekend aangepast aan het droge klimaat. In de verte duikt de rand van de depressie op.